Dossier De dialoog

6 Items
null

De dialoog (van het Oudgriekse διάλογος of ‘samenspraak’) is van oudsher een middel om complexe kennis inzichtelijk te maken. Zo is de bekende Socratische dialoog een didactische vorm die de deelnemers ruimte wil bieden om een vraagstuk vanuit verschillende perspectieven te bezien. Anders dan bij een debat of discussie gaat het bij een dialoog namelijk niet om gelijk krijgen, maar om het tot stand brengen van verbinding.

Bij een dialoog moeten gesprekspartners dus oprecht in elkaar geïnteresseerd zijn, actief luisteren en begrip kunnen opbrengen voor andere standpunten. Een geslaagde dialoog – althans de geïdealiseerde versie daarvan – leidt tot een synthese die alle standpunten van de deelnemers integreert en tot een conclusie leidt waarin iedereen zich grotendeels kan vinden. De praktijk leert echter dat een dialoog ook kan verzanden in het tegenovergestelde; al in Plato’s Dialogen liepen gespreksdeelnemers boos weg zonder tot een bevredigende conclusie te komen.

Die ‘negatieve’ uitkomst van de dialoog heeft veel aandacht gekregen. Postmoderne denkers zoals Jacques Derrida problematiseren de mogelijkheid om elkaar écht te kunnen begrijpen en hedendaags conversatieonderzoek richt zich voor een belangrijk deel op miscommunicatie en ‘onbegrip’ in dagelijkse gesprekken. De dialoog leidt misschien net zo vaak tot aporie of conflict als tot synthese.

In dit dossier van Locus-Tijdschrift voor Cultuurwetenschappen staat de zojuist beschreven spanning, namelijk die tussen de belofte van de dialoog en de praktijk van de dialoog, centraal. Specifiek doen we dat in relatie tot interdisciplinariteit en interdisciplinaire samenwerking. Daarmee wordt dan een samenspraak van disciplines bedoeld waarvan de synthetiserende uitkomst meer is dan de som der delen.

All Items